Wij hadden onlangs bezoek van een bevriend echtpaar. De man ontwerpt en installeert badkamers. Daar legt hij zijn hele ziel en zaligheid in. De badkamer moet mooi zijn en voor de gebruiker een soort harmonie uitstralen. ‘Maar hij is wel een beetje autistisch’, zei zijn vrouw, ‘hij wil dat de zichtbare kruisjes van de kruiskopschroeven allemaal in dezelfde stand staan’. En ik dacht meteen: dat is niet autistisch, dat is eigen aan talent. Talent zoekt het gaatje.
Ik herkende het punt ook bij mijzelf. Mijn onderwijzer kan overmatig precies zijn bij het inrichten van de leersituatie. Ik heb mijzelf menigmaal waargenomen in het enkele centimeters verschuiven van de stoelen. En zo nog tientallen kleinigheden. Over dit soort details maakte ik mij meer druk dan over de inhoud van de les. Voor de inhoud maakte ik een eenvoudig tekeningetje en had er alle vertrouwen in dat de beoogde les al improviserend vanzelf tot stand zou komen. Door praktische details (niet schrijvende viltstiften) kon ik meer van slag raken dan door onverwachte wendingen in de leersessie.
Zo moest ik ook denken aan een uitspraak van de pianist Vladimir Horowitz. Hem werd gevraagd naar zijn voorbereiding. Waarop hij zei: ‘Als ik 1 dag niet oefen, hoor ik het zelf, als ik 2 dagen niet oefen hoort mijn vrouw dat ook en als ik 3 dagen niet oefen, hoort de rest van de wereld het.’ Blijkbaar hechten talenteigenaren veel belang aan de finesse van de uitvoering.
Dat is ook wel begrijpelijk. De manifestatie van talent is eigenlijk een lange ketting. Het begin is altijd een tamelijk vage hunch, een soort inspiratievonk. Die vonk als zodanig is te ijl, te ongrijpbaar. De energie van ons idee zoekt gedachtenkaders om begrijpelijk te worden. Dan zit het nog steeds alleen maar in ons hoofd. Vervolgens zijn er voor het realiseren allerlei werkvormen nodig. We willen immers dat onze ingeving aankomt bij de afnemer. En uiteindelijk gaat het dan om de kleinst mogelijke details. Kloppen die niet, dan gaat er iets verloren van de oorspronkelijke kracht en schoonheid van het beginidee. En dat wil je als talenteigenaar niet. De harmonie die de badkamerman beoogt wordt net versterkt of verzwakt door de stand van de kruiskopschroeven.
Wij kunnen de match tussen de aard van ons talent en de vorm van uitdrukking in ons leven eindeloos bijstellen. Of eigenlijk verbeteren. Dat is een opwekkend streven. Het zoeken van de match geeft een professionele voldoening aan de eigenaar. En het dient de afnemer. Zo heb ik ooit een beleidsmedewerker van een waterschap geholpen met het maken van powerpoints. In zijn organisatiecultuur was de gewoonte gegroeid om presentaties te maken met vele sheets en een langdurige uitleg. Dat frustreerde hem. Want zijn talent wilde meteen tot de kern komen. Twee sheets was genoeg. Na herhaalde koudwatervrees durfde hij eindelijk een keer te presenteren met slechts twee sheets. Het was een groot succes. In de aanmerkelijk kortere presentatie zat de man op de top van zijn bevlogenheid en de toehoorders op de puntjes van hun stoelen.
Kortom, durf al doende en al reflecterende werkvormen te kiezen die bij je passen, tot in de kleinste gaatjes. Opdat het effect van jouw talent het beste aankomt bij je afnemer.